Lenteland 5 jaar: groei, uitdagingen en toekomstvisie

 

Dit jaar viert Lenteland haar 5-jarig jubileum. Dat heeft 7 Lenteland boerderijen opgeleverd waarvan 2 het afgelopen jaar zijn aangekocht en een 3e het afgelopen jaar is opgestart. “Het was een goed jaar, maar niet per se een makkelijk jaar,” blikt chef de mission Eline Veninga terug. “Onze missie is van zoveel factoren afhankelijk dat het toch ook altijd spannend blijft.”

 

Eén van die factoren blijft natuurlijk het weer: van extreem veel regen tot enorme droogte. Maar ook alle ontwikkelingen in de wereld hebben invloed. Zo zorgde de pandemie er een paar jaar geleden voor dat mensen doordrongen raakten van het belang van korte voedselketens en lokale producenten. En is er dankzij de toenemende aandacht voor pesticiden een stijgende vraag naar onbespoten producten.

“Het is om te huilen dat er zoveel wetenschappelijk bewijs is over de negatieve gevolgen van pesticiden, voor zowel de natuur als onze eigen gezondheid, terwijl Europa en heel veel instanties die informatie nog steeds negeren en daarmee burgers in gevaar brengen. Ik denk dat er geen andere oplossing is dan het gebruik van pesticiden aan wettelijke banden leggen, want zolang er ruimte is zullen er altijd partijen zijn die pesticiden pushen en afnemers zijn die kiezen voor de makkelijke weg.”

Een gelijk speelveld is nodig

Dat Lenteland het anders aanpakt, moge duidelijk zijn, maar om dat op de lange termijn een kans van slagen te geven moet er wel een gelijk speelveld zijn, benadrukt Eline. “Deloitte kwam een paar maanden geleden met een onderzoek waaruit blijkt dat de kosten aan milieuschade van de Nederlandse landbouw hoger zijn dan de economische baten. Maar die rekening wordt ergens anders neergelegd, bijvoorbeeld bij de gezondheidszorg en de instanties die ons water reinigen. Tegelijkertijd wordt de waarde die regeneratieve boeren toevoegen aan het land en onze gezondheid niet vergoed.”

Eline vindt dan ook dat we ons als burger bozer zouden moeten maken, maar snapt ook waarom dat niet altijd gebeurt. “De wereld is zo complex geworden en de voedselketens zo lang, dat het bijna onmogelijk is om erachter te komen waar iets vandaan komt of hoe het verbouwd is. In al die complexiteit wordt veel verhuld en daar profiteren vooral grote bedrijven van. De boeren zelf zitten ook knel en zouden eigenlijk begeleid moeten worden in een transitie naar iets beters.”

Transparantie in kleinschaligheid

Dat beters hoeven echt niet allemaal Lenteland boerderijen te zijn, als het maar richting natuurinclusief en regeneratief boeren gaat. “Wij zetten daarbij ook in op kleinschaligheid, want daarmee creëer je een systeem dat heel transparant is en heel goed te begrijpen, waardoor controle niet meer nodig is,” legt Eline uit.

“Vroeger bestond er in dorpen en buurten een zekere loyaliteit: je gunde de bakker, de slager en de groenteboer een inkomen omdat je ze kende en dus deed je daar je boodschappen. Dat is een vorm van samenleven waar weer veel behoefte aan is en die we ook naar de boeren kunnen brengen. Voorwaarde is dan wel dat het boerenerf toegankelijk is, zodat mensen kunnen zien wat je doet.”

Lenteland boerderijen zijn dan ook heel bewust niet alleen regeneratieve boerderijen, maar ook gemeenschapsboerderijen waar je als vrijwilliger kan meewerken, maar waar iedereen ook welkom is om een kijkje te komen nemen.

“Als je met je eigen ogen ziet met hoeveel bezieling er gewerkt wordt, hoe er leven ontstaat waar ooit gif gespoten werd en hoe bij elke afweging wordt gekeken naar de gevolgen voor de volgende generaties, dan ontstaat er vanzelf hoop. Je ziet hoe het handelen op de boerderij direct invloed heeft op de omgeving; dat maakt het heel concreet en geeft mensen moed. Zo’n boerderij komt in je hart en laat je niet meer los.”

Een plek waar altijd voedsel wordt verbouwd

Dat Lenteland een boerderij in principe voor de eeuwigheid koopt en daarmee dus een plek creëert waar altijd voedsel voor de omgeving wordt geproduceerd, is voor veel mensen – zowel burgers als boeren – een geruststelling. Zeker in deze tijd waar heel veel gespeculeerd wordt met land.

En dus wil Lenteland meer boerderijen blijven kopen en inzetten op blijvende ondersteuning op allerlei vlakken. “Zo willen we ook met cijfers en rapporten inzichtelijk gaan maken hoe we de bodem en omgeving verbeteren, want daar blijkt toch ook behoefte aan te zijn en willen we kennisdagen gaan organiseren, zodat boeren onderling hun ‘best practices’ kunnen uitwisselen en van elkaar kunnen leren.”

De Lenteland familie

Lenteland is dan ook echt een soort familie: “We opereren met korte lijntjes, besteden aandacht aan persoonlijke relaties en bieden daar waar nodig support om de enorme uitdaging waar de boeren voor staan te helpen tackelen. Soms valt het tegen of gaat het niet snel genoeg en ook dan moeten we er staan, een luisterend oor bieden en bemoedigende woorden geven.”

De uitdagingen waar de Lenteland boerderijen mee te maken hebben, zijn groot en dus is het belangrijk om economische veerkracht te creëren door zoveel mogelijk activiteiten te ontwikkelen naast het boeren. “Op die manier kan je slecht weer opvangen met inkomsten van velddiners, overnachtingen of bedrijfsvergaderingen.” Dat is belangrijk, maar vraagt ook een hoop van de boerenteams qua hoeveelheid werk en het overzicht op al die activiteiten.

Als hoofdboer doe je in het begin nog heel veel zelf, maar op een gegeven moment moet je mensen om je heen verzamelen en bepaalde verantwoordelijkheden uit handen geven. Dat is niet voor iedereen even vanzelfsprekend. Daarom willen we met Lenteland een buddysysteem en coaching aanbieden om de boeren hiermee te helpen.

In Regio Oost, zoals ze dat bij Lenteland noemen, werken de 3 boerderijen al steeds vaker samen, bijvoorbeeld op het gebied van agroforestry (boslandbouw) en het inkopen van plantgoed. Maar ook als het gaat om het verwerken van de oogst tot producten die misschien weer een nieuwe groep klanten aantrekt. “Deze boerderijen staan relatief dicht bij elkaar in de buurt, wat samenwerking makkelijker maakt, maar in principe willen we dit voor alle Lenteland boerderijen.”

Nalatenschap en samenwerking

Wat er ook op het programma staat voor dit jaar: Lenteland wil aan de slag met de mogelijkheid voor mensen om hun nalatenschap aan Lenteland te schenken. “Verder willen we op zoek naar samenwerkingen met bedrijven die bij ons passen zodat zij kunnen helpen bij transitiefinanciering. We moeten met z’n allen zorgen voor een gezonde leefomgeving waarin we ook over 200 jaar nog gezond voedsel kunnen produceren.”

Voor bedrijven is zo’n samenwerking met Lenteland interessant in verband met hun CSR-beleid, maar ook voor hun eigen toekomst. Enerzijds door een bijdrage te leveren aan het opstarten van rendabele en regeneratieve boerderijen, anderzijds door hun medewerkers kennis te laten maken met deze vorm van landbouw ter inspiratie.

“Steeds meer Lenteland boeren worden benaderd door bedrijven voor teamuitjes of vergaderplekken. Dat leidt vaak tot hele andere gesprekken met jezelf en met elkaar, simpelweg omdat je buiten bent, met je handen bezig bent en weer connectie hebt met de voedselproductie en het eten wat op je bord komt. Want dat zijn we in ons huidige complexe systeem totaal kwijtgeraakt. Mensen gaan echt opgeladen weer naar huis na zo’n dag.”

“Op heel veel dingen heb je geen invloed, maar je kan wel zorgen voor zoveel mogelijk veilige plekken waar we voor onszelf en voor elkaar kunnen zorgen, los van de wereldpolitiek. Eten is in ieders direct belang: het is het meest basale wat we nodig hebben en wat ons verbindt.”

 

Volgende week staat Eline in Pakhuis de Zwijger tijdens de meet-up Anders investeren. Kom je ook? Hier lees je er meer over.